REGLEMENT 

 

TEAM WIMEDO REGLEMENT BEHENDIGHEIDSWEDSTRIJDEN  (TW-RBW)

 

DEFINITIE.

art. 1   De wedstrijd vindt plaats op een hard oppervlak met richtings­veranderingen

            in het parcours, veroorzaakt door opgestelde hindernissen, ter verlaging van de snelheid.

 

AFKORTINGEN / BEGRIPSBEPALINGEN

art. 2   In dit reglement hebben de navolgende afkortingen de daarachter vermelde beteke­nissen:

 

Deelnemer     Bestuurder(ster), die de Nederlandse nationaliteit bezit en/of in het bezit is van een

                        in Nederland geldig rijbewijs.

Inschrijver       Een natuurlijke- of rechtspersoon, die voor (een deelnemer) deelneming inschrijft.

 

TOEPASSING REGLEMENT

art. 3   Alle door TEAM WIMEDO te organiseren behendigheidswedstrijden zullen worden verreden

            volgens de bepalingen van dit reglement. Dit reglement is bindend en het is de organisatoren

            niet toegestaan er van af te wijken.

 

PARCOURS.

art. 4   Het parcours is ten minste vijf meter breed en heeft een lengte van minimaal 400 meter en

            maximaal 1500 meter.Het dient te worden uitgezet op een voldoende vlak, hard oppervlak,

            zoals klinkers, asfalt, beton e.d. zonder los materiaal.

 

art. 5   Het parcours dient zodanig te worden uitgezet, dat de veiligheid van toeschouwers, officials

            en deelnemers zo goed mogelijk gewaarborgd is.

 

art. 6   Het te rijden parcours dient te worden aangegeven door middel van pilonnen van flexibel

            materiaal, minimaal 35 centimeter hoog. De pilonnen, die de deelnemer aan de linkerhand

            moet houden, dienen van een duidelijk andere kleur te zijn dan de pilonnen, die de

            deelnemer aan de rechterhand moet houden. Indien witte en / of gele pilonnen worden

            gebruikt, dient de deelnemer deze altijd aan de linkerhand te houden. Oranje en / of rode

            pilonnen dienen altijd aan de rechterhand te worden gehouden.

 

art. 7   De positie van een pilon dient op de grond duidelijk aangegeven te zijn door de buitenrand

            te markeren.

 

art. 8   Het parcours dient in de voorgeschreven rijrichting en op de voorgeschreven wijze te worden

            gereden. Achteruit rijden is slechts toegestaan om een op dat moment gemaakte fout te

            herstellen. Het is een deelnemer verboden zich, zonder toestemming van de wedstrijdleider

            en na het begin van de wedstrijd, te voet op het parcours te bevinden anders dan in geval

            van pech aan de eigen auto.

 

art.   9 Iedere honderd meter van het parcours dient ten minste drie en ten hoogste acht maal een

            richtingsverandering plaats te vinden. De rechte stukken in het parcours dienen ten minste

            vijf en mogen ten hoogste vijftig meter bedragen.

 

art. 10 De verschillende opdrachten mogen niet in elkaar overgaan. Tussen de opdrachten moet

            dus steeds een recht stuk worden opgenomen.

 

art. 11 Bij de opbouw van het parcours mag uitsluitend van onderstaand genoemde opdrach­ten

            gebruik worden gemaakt:

a.                  Enkele pilon.

b.                  Een serie van enkele pilonnen in rechte lijn achter elkaar opgesteld, die wisselend links en

rechts (of omgekeerd) gepasseerd moeten worden. Afstand tussen de pilonnen minimaal 12 meter en maximaal 25 meter (zie figuur 1).

            c.         Enkele poort: twee pilonnen waar de deelnemer tussendoor moet rijden.

                        Afstand tussen de pilonnen minimaal 2,5 meter en maximaal 3,5 meter.

                        Poorten mogen tijdens een wedstrijd verschillende breedten hebben (zie figuur 2).

            d.         Een serie enkele poorten (tenminste 3 achter elkaar), waarbij wisse­lend de linker- en rechterpilon (of omgekeerd) op een rechte lijn dienen te staan.

                        Afstand tusen de poorten minimaal 12 meter en maximaal 25 meter (zie figuur 3).

            e.         Laan: twee in rechte parallelle lijnen staanden rijen van pilonnen, in iedere lijn met een onderlinge afstand van een tot twee meter. Alleen de eerste en de laatste pilon van iedere lijn dient te voldoen aan het gestelde in artikel 6, betreffende kleur en maat. Breedte van de laan minimaal 2,5 meter en maximaal 3,5 meter. Lengte van de  laan mini­maal 5 meter en maximaal 15 meter (Zie figuur 4).

            f.          Trechter: een serie van enkele poorten met alle linker en alle rechter pilonnen in, in de rijrichting, taps toelopende lijnen.

            Breedte van de eerste poort minimaal 3 meter en maximaal 4 meter, breedte van de laatste poort minimaal 2,5 meter en maximaal 3 meter (Zie figuur 7).

 

art. 12 Een verandering in richting van meer dan 45 graden is alleen toegestaan, indien dit wegens ruimtegebrek noodzakelijk is.In dit geval mag bij uitzondering gebruik worden gemaakt van:

            a.         halve wending, 90 graden bocht, 1 pilon in het middelpunt en aan de buitenzijde van de    bocht een kwart cirkel gemarkeerd.Straal van de cirkel minimaal 6 meter en

                        maximaal 8 meter (zie figuur 5).

            b.         Hele wending: 180 graden bocht, 1 pilon in het middelpunt en aan de buiten-

                        zijde van de bocht een halve cirkel gemarkeerd.Straal van de cirkel minimaal

                        7,5 meter en maximaal 10 meter (zie figuur 6).

 

art. 13 Alle opgegeven maten zijn gemeten vanaf het hart van de pilon.

 

 VEILIGHEID.

art. 14 Bij een wedstrijd die meetelt voor een kampioenschap moet, voordat de

            wedstrijd begint, het parcours zijn geïnspecteerd en goedgekeurd door de

            aangewezen sportcommissaris.

 

art.15  In uitnodigingen en dergelijke tot deelneming aan een behendigheidswedstrijd dient er uitdrukkelijk op te worden gewezen dat de deelnemers en het publiek zich volledig voor eigen rekening, verantwoording en risico op het wedstrijdterrein bevinden. Het publiek dient er attent op te worden gemaakt, dat het op eigen risico de wedstrijden bijwoont en dat TEAM WIMEDO, noch de organisatoren, noch de officials, noch de eigenaar en/of beheerder en / of exploitant van het circuit / terrein, noch de deelnemers op enigerlei wijze aanspakelijk zijn voor de gevolgen van een eventueel ongeval.

 

art. 16 Teneinde bij een ongeval snel hulp te kunnen bieden, dienen een auto en twee

            officials naast het parcours in gereedheid (stand by) te worden gehouden.

 

art. 17 Er dient onmiddelijk medische hulp te kunnen worden verleend door de op het

            wedstrijdterrein aanwezige arts, E.H.B.O. of het Rode Kruis. Tenzij er een directe

            verbinding via mobilofoon of telefoon tussen het wedstrijdterrein en de plaatselijke

            medische hulpdienst is, dient er een ziekenauto op het terrein aanwezig te zijn.

 

art. 18 Langs het parcours dient om de 150 meter een brandblusser (poeder of schuim) aan-

             wezig te zijn, waarmee een begin van brand afdoende kan worden bestreden.

             Een brandblusser moet constant onder bereik zijn van degene die de brandblusser 

            moet bedienen.

 

art. 19 De baanposten langs het parcours dienen, terwille van de maximale veiligheid, in

            directe zicht- en / of geluidsverbinding te staan met de wedstrijdleiding.

 

art. 20 Tijdens het afleggen van het parcours:

                        - mogen geen losliggende voorwerpen in de auto aanwezig zijn;

                        - mag zich uitsluitend de bestuurder in de auto bevinden;

- moeten de portieren van buiten af kunnen worden geopend (met

  uitzondering van  zogenaamde  ‘open‘ auto’s);

                        - moet de bestuurder een valhelm dragen met de kinriem vast;

                        - moet de bestuurder een veiligheidsriem gebruiken;

                        - moeten de ramen aan de zijde van de bestuurder geheel gesloten zijn ( met uit-

                          zondering van zogenaamde  ‘open‘ auto’s);

                        - mag de bestuurder niet roken.

            Het gebruik van alcoholische drank voor en tijdens de wedstrijd is verboden en

            wordt bestraft met uitsluiting.

 

WEDSTRIJDTECHNISCHE BEPALINGEN

art. 21 Tijdens de wedstrijd mag er uitsluitend van de onderstaande vlaggen gebruik gemaakt

            worden, tenzij de wedstrijdleiding het veiliger acht de deelnemer niet met vlaggen in te

            lichten maar via andere media de deelnemer tijdens dan wel na zijn rit te informe­ren:

            Rode vlag                                           =          onmiddellijk stoppen

            Zwart / wit geblokte vlag                   =          finish

            Oranje vlag                                         =          pilon of markeringsmateriaal geraakt / ver­plaatst

            Blauwe vlag                                       =          fout parcours

            Witte vlag                                           =          langzaam voertuig op het parcours

            Rood-wit-blauwe vlag                       =          Startvlag (uitsluitend bij niet elektronische

                                                                        tijdwaarneming te gebruiken)

 

art. 22 a. Elektronische tijdwaarneming:

                Gestart dient te worden uit volledige stilstand, met draaiende motor, met het voorste

                deel van de auto op de startlijn. Circa 4 seconden voor het startsein van iedere deel-

                nemer gaat een rood waarschuwingslicht aan. Bij het wisselen van rood op groen          

                licht gaat de tijd in en wordt de deelnemer geacht te zijn gestart.

            b. Niet-elektronische tijdwaarneming:

              Gestart dient te worden vanuit volledige stilstand, met draaiende motor, met het

               voorste deel van de auto op de startlijn.

              Startsein wordt gegeven door af te tellen, duidelijk zichtbaar voor de rijder, d.m.v. de

              methode als in de rallysport gebruikelijk nl. 5, 4, 3, 2, 1, GO.

              Bij GO gaat de tijdwaarneming lopen en wordt de deelnemer geacht te zijn gestart.

   

              Het verrichten van niet-elektronische tijdwaarneming is alleen toegestaan bij het

             uitvallen van de aanwezige electronische tijdwaarneming.

 

art. 23 De organisatie is verplicht tijdens de wedstrijden geregeld de gerealiseerde tijden aan

            de deelnemers bekend te maken.

 

art. 24 De finishlijn dient ‘vliegend‘ - dus zonder stoppen - te worden gepasseerd:

            a. bij elektronische tijdwaarneming stopt de tijd op het moment dat de auto door de

                finishlichtbaan gaat.

            b. bij niet-elektronische tijdwaarneming stopt de tijd op het moment dat de auto met de

                voorwielen de finishlijn passeert.

 

art. 25 De finishlijn dient tenminste 10 meter na de laatste richtingsverandering te liggen.

            Op minimaal twee maal de afstand tussen de laatste richtingsverandering en de

            finishlijn dient de deelnemer zijn auto tot stilstand te brengen voor een stopstreep,

            gemarkeerd door twee rode vlaggen. Indien er voldoende ruimte is, dient de

            organisatie de uitloop zodanig te verlengen dat er niet onnodig hard behoeft te

            worden geremd.

            De finishlijn kan / mag indien de wedstrijdleiding dit nodig acht verduidelijkt worden

            door middel van een zwart / wit geblokte vlag / bord.

 

art. 26 a.Elektronische tijdwaarneming geschiedt in honderdsten van seconden.

            b.Niet elektronische tijdwaarneming geschiedt in tienden van seconden.

               De tijdopname gebeurt door drie personen, die ieder een stopwatch bedienen

               Indien twee van de stopwatches dezelfde tijd aangeven, is dit de tijd die voor de

               deelnemer wordt genoteerd.Als de drie genoteerde tijden verschillend zijn vallen

               de snelste en langzaamste tijd af en wordt de middelste tijd genoteerd.

 

art. 27 Indien door schuld van de organisatie een deelnemer tijdens de start of het afleggen

            van het parcours wordt benadeeld, dient de deelnemer (gratis) opnieuw te worden gestart.

 

art. 28 Voor het raken, omverwerpen en/of verplaatsen van een pilon of soortgelijk ander

            markeringsmateriaal zullen per overtreding 5 strafseconden bij de door de deelnemer

            gerealiseerde rijtijd worden opgeteld.

 

art. 29 Een deelnemer wordt per start niet geklasseerd, indien hij:

                        - te vroeg is gestart;

                        - een poort mist

                        - een poort in de verkeerde richting neemt;

                        - een fout maakt in de route van het parcours;

                        - tijdens het afleggen van het parcours gebruikt maakt van hulp van derden;

                        - niet is gestopt vóór de stopstreep;

                        - aanwijzing van de wedstrijdleiding en/of officials niet opvolgt.

                                                              

art. 30 Verkenning van het parcours kan individueel gebeuren of als groep, dan echter achter een

            wagen van de wedstrijdleiding. Of en wanneer er gelegen­heid tot verken­ning wordt gegeven

            is ter beoordeling aan de wedstrijdlei­ding.

 

INSCHRIJVING.

art. 31 Ingeschreven kan worden met auto's die technisch aan de criteria voldoen zoals

            beschreven in dit reglement vanaf artikel 36.

            Organisatoren hebben de bevoegdheid inschrijvingen te weigeren zonder opgaaf van redenen.

 

art. 32 Een deelnemer mag met dezelfde auto per wedstrijddag in niet meer dan één klasse deelnemen.

            Een auto die eenmaal in een klasse is ingeschreven mag niet door een andere deelnemer in

            een andere klasse gebruikt worden tijdens dezelfde wedstrijd.

            Als een deelnemer van auto wisselt tijdens de wedstrijd, dient opnieuw ingeschreven te worden.

            Door deze tweede inschrijving in dezelfde klasse vervallen automatisch de gerealiseerde tijden

            van de vorige in­schrijving, tenzij bij inschrijving (dus voordat er gereden wordt) duide­lijk te kennen

            wordt gegeven dat het hier een inschrijving buiten mededin­ging betreft.

 

art. 33 Auto's die naar mening van de wedstrijdleiding de veiligheid van de deelnemers, publiek, officials,

            en/of zaken in gevaar zouden kunnen brengen, zullen niet tot de start worden toegela­ten.

            Inschrijving met een auto in een klasse waarin deze auto niet hoort volgens de in dit reglement

            genoemde bepalingen wordt door de wedstrijd­leiding geweigerd.

            Beslissingen hieromtrent kunnen op ieder moment worden genomen.

 

 

art.34  Alvorens tot de start te worden toegelaten, dient een deelnemer een vrijwaringsclausule te

            ondertekenen. De tekst daarvan dient als volgt te luiden:

 

Door ondertekening van dit blad verklaart de deelnemer aan de organisatoren van de behendigheidswedstrijd:.................................................

 

a.      dat de deelnemer de organisatie van deze wedstrijd en de regionale en nationale rittensport

      organisaties waarbij deze organisatie aangesloten is, zal vrijwaren van elke aansprakelijkheid

      ten opzichte van derden, voortkomend uit deze wedstrijd.

b.      dat de deelnemer deze organisaties niet aansprakelijk zal stellen voor enige schade die de

     deelnemer lijdt als gevolg van het deelnemen aan de wedstrijd;

c.      dat de deelnemer de personen die op enigerlei wijze betrokken zijn  bij de organisatie van deze

      wedstrijd, zal vrijwaren van elke aansprakelijkheid  jegens derden en dat zij deze personen niet

      voor enige schade als gevolg van het deelnemen aan de wedstrijd en voortkomend uit die wedstrijd

     aansprakelijk zal stellen;

d.      dat de deelnemer zich akkoord verklaart met de reglementen zoals die tijdens deze wedstrijd van

      kracht zijn en dat hij afziet van elk beroep op rechterlijke instanties die niet in deze reglementen zijn

      vermeld;

            e. dat de deelnemer in het bezit is van een geldig rijbewijs;

 

            Deelnemer

 

            Naam...................................

 

            Handtekening

            ............................................

            .....................................................................................................................................

 

            Plaats,   datum,  jaar: (plaats waar en datum waarop de wedstrijd wordt gehouden) 

 

art. 35 Een deelnemer, die zich naar het oordeel van de wedstrijdleiding niet zo gedraagt als van hem

            verwacht mag worden, kan van verdere deelneming aan die wedstrijd worden uitgesloten.

 

 

KLASSE-INDELING

Begrippen      Toerwagens zijn in dit reglement auto's waarvan een vierdeurs variant is geweest van hetzelfde

                         merk en type. Alle andere auto's worden ingedeeld in de X-groepen

                        Alle auto's die vierwielaandrijving hebben worden in de X-groepen ingedeeld.

                        Auto's die niet voor vier personen zijn ingericht, en/of waar geen vierdeurs variant van hetzelfde

                        merk en type bestaat, worden in de X-groepen ingedeeld.

 

art. 36 a.         Groep 1 - standaard tourwagens

                        Aan en in de in groep 1 uitkomende auto's mogen geen accessoires gemonteerd zijn ten

                        behoeve van snelheidsverhoging.

                        Alle ruiten van in groep 1 uitkomende auto's dienen van glas te zijn van dikte zoals bij eerste

                        montage.

                        Auto's die in groep 1 uitkomen moeten voorzien zijn van banden die op de openbare weg

                        zijn toegelaten, zulks met een minimale profieldiepte zoals gesteld in het WVR.

                        Velgbreedte- en velghoogtematen dienen in groep 1 conform de importgegevens van het

                        voertuig in Nederland te zijn. Dit sluit alle velgmodificaties uit vanuit importeurs/dealers/

                        dealerorganisaties/rijders/etc.

                        Verlaging van het voertuig is in groep 1 niet toegestaan.

                        Het gebruik van voor- en/of achterspoilers is toegestaan.

                                                                                                                        

                        Klasse-indeling in groep 1:

                        Klasse 1:        -           cilinderinhoud tm 1300 CC.

                        Klasse 2:        -           cilinderinhoud van 1301 tm 1600 CC.

                        Klasse 3:        -           cilinderinhoud boven 1600 CC.

                                  

art.36 b.         Groep 2 - Verbeterde standaard toerwagens.

                        Deze afdeling staat open voor auto's van groep 1 met de volgen­de toegestane modificaties:

                        -           originele cilinderkoppen mogen worden aangepast

                        -           in- en uitlaatsysteem mogen worden aangepast, mits men voldoet aan de geluidsnorm

                        -           vering/schokdemping mogen worden aangepast

                        -           wielkasten mogen worden uitgebouwd

-                     wielen mogen met twee inch worden verhoogd en verbreed ten opzichte van de

            standaard-import wielen zoals bij groep 1 genoemd. Daarnaast mogen wielen/banden

            niet buiten de wiel­kasten uitkomen.

                        -           er mag op slicks/race-/rally-banden gereden worden.

                        -           kunststof ruiten zijn toegestaan behalve de voorruit.

                        -           er mag een 'kort' stuurhuis gemonteerd worden.

 

                        Restricties voor groep 2:

-                     het motorblok moet ooit standaard in het betreffende type  auto geïmporteerd zijn geweest

            in Nederland.

-                     deelnemende auto's in groep 2 moeten voorzien zijn van een deugdelijke rollbar,

            zulks ter beoordeling van de wedstrijdleiding

 

                        Het verdient aanbeveling dat de deelnemende auto's voorzien zijn van een speciale race / rally-stoel,

                        een vierpunts veiligheidsgordel en een rolkooi.

 

                        Klasse-indeling in groep 2:

                        Klasse 4:        -           cilinderinhoud tm 1300 CC.

                                                -           velgbreedte niet groter dan 7 inch.

                        Klasse 5:        -           cilinderinhoud van 1301 tm 1600 CC.

                                                -           velgbreedte niet groter dan 7 inch.

                        Klasse 6:        -           cilinderinhoud boven 1600 CC.

                                                -           velgbreedte niet groter dan 8 inch.

 

art. 36 c.         Groep 3 - Toerwagen specials.

                        In deze groep ondergebracht:

                        a.         auto's die speciaal voor deze tak van autosport gebouwd zijn

                        b.         auto's die zover gemodificeerd zijn dat ze niet meer in groep 2 opgenomen mogen worden.

                        -           deelnemende auto's in groep 3 moeten voorzien zijn van een deugdelijke rollbar, zulks ter

                                    beoordeling van de wedstrijdleiding.

-                     auto's in groep 3 moeten voorzien zijn van een deugdelij­ke vierpuntsgordel, zulks ter

            beoordeling van de wedstrijdleiding.

 

                        Restricties voor groep 3:

                        -           de velghoogte mag niet beneden de 10 inch zijn.

 

                        Klasse-indeling in groep 3:

                        Klasse 7:        -           cilinderinhoud tm 1300 CC.

                        Klasse 8:        -           cilinderinhoud van 1301 tm 1600 CC.

                        Klasse 9:        -           cilinderinhoud boven 1600 CC.

 

art 36 d.        Groep X-1 Standaard Sportwagens

                       In deze groep zijn ondergebracht:

                       a.     standaard tweezitter sportwagens en sportwagens met een zodanige achterbank dat de wedstrijdleiding

                               deze niet als achterbank voor een vierzits-auto aanmerkt.

                       b.    standaard auto's waarvan geen vierdeurs in Nederland geïmporteerde uitvoering bestaat van hetzelfde

                               merk en type.

                      c.     standaard auto's met vierwielaandrijving

                      Deelnemende auto's in groep X-1

                      Er bestaat geen indeling in klassen in groep X-1 moeten voorzien zijn van een deugdelijke rollbar,

                      zulks ter beoordeling van de wedstrijdleiding

 

art 36 e.        Groep X-2 Verbeterde Standaard Sportwagens

                      Deze afdeling staat open voor auto's van groep X-1 met de volgende toegestane modificaties:

                        -           originele cilinderkoppen mogen worden aangepast

                        -           in- en uitlaatsysteem mogen worden aangepast, mits men voldoet aan de geluidsnorm

                        -           vering/schokdemping mogen worden aangepast

                        -           wielkasten mogen worden uitgebouwd

-                     wielen mogen met twee inch worden verhoogd en verbreed ten opzichte van de

            standaard-import wielen zoals bij groep 1 genoemd. Daarnaast mogen wielen/banden

            niet buiten de wiel­kasten uitkomen.

                        -           er mag op slicks/race-/rally-banden gereden worden.

                        -           kunststof ruiten zijn toegestaan behalve de voorruit.

                        -           er mag een 'kort' stuurhuis gemonteerd worden.

 

                        Restricties voor groep X-2:

-                     het motorblok moet ooit standaard in het betreffende type  auto geïmporteerd zijn geweest

            in Nederland.

-                     deelnemende auto's in groep X-2 moeten voorzien zijn van een deugdelijke rollbar,

            zulks ter beoordeling van de wedstrijdleiding

 

                        Het verdient aanbeveling dat de deelnemende auto's voorzien zijn van een speciale race / rally-stoel,

                        een vierpunts veiligheidsgordel en een rolkooi.

                       Er bestaat geen indeling in klassen in groep X-2

 

art. 36 f.         Groep X-3 - Specials.

                        In deze groep ondergebracht:

                        a.         auto's die speciaal voor deze tak van autosport gebouwd zijn

                        b.         auto's die zover gemodificeerd zijn dat ze niet meer in groep X-2 opgenomen mogen worden.

                        -           deelnemende auto's in groep X-3 moeten voorzien zijn van een deugdelijke rollbar, zulks ter

                                    beoordeling van de wedstrijdleiding.

-                     auto's in groep X-3 moeten voorzien zijn van een deugdelijke vierpuntsgordel, zulks ter

            beoordeling van de wedstrijdleiding.

 

                        Restricties voor groep X-3:

                        -           de velghoogte mag niet beneden de 10 inch zijn.

 

                       Er bestaat geen indeling in klassen in groep X-2

 

 

art. 37 Alle deelnemers dienen tijdens het rijden van de wedstrijd een degelijke helm en dito veiligheidsgordels

            te dragen, zulks ter beoordeling van de wed­strijdleiding.

 

art. 38 Wettelijke aanpassingen aan auto’s met zogenaamd grijs kenteken zijn toegestaan.

 

art. 39 Voor alle deelnemende auto's in alle groepen geldt dat de cilinderinhoud met de factor1.7

            vermenigvuldigd moet worden voor de klasse-indeling als de auto voorzien is van een

            turbo­compressor of enig ander type compressor ter verhoging van de inlaatdruk, al dan

            niet mechanisch aangedreven.

 

art. 40 De organisatoren zijn niet gerechtigd klassen samen te voegen

 

art. 41 Van een deelnemende auto mag het geluid de grens van 100 decibel niet overschrijden,

            gemeten onder een hoek van 45 graden ten opzichte van het hart van de uitgang van het

            uit­laatsysteem, op een afstand van 50 centimeter, bij een motor­toeren­tal van 4500 per minuut.

 

art. 42-            Alle deelnemende auto's dienen van wieldoppen te zijn ontdaan.

           -            Bij alle deelnemende auto's moeten de accupolen van een isolerend materiaal

                        zijn voorzien.

           -            In de groepen 2 en 3 mogen bumpers, bumpersteunen, bekleding,passagiers-

                        stoel en achterbank verwijderd zijn.

           -            In groep 2 moet de brandstoftank in het originele compartiment van de auto

                        geplaatst zijn, maar deze mag vervangen worden door een veiligheidsbrandstoftank,

                        mits degelijk gemonteerd, e.e.a. ter beoordeling van de wed­strijdleiding.

            -           In groep 3 moet het brandstofcompartiment zijn afgescheiden van het

                        bestuurdersompartiment met een brandwerend en vloeistofdicht materiaal, tenzij een

                        veiligheidsbrandstoftank gemonteerd is.

 

art. 43 Bijvoorbeeld de navolgende klassementen kunnen worden opgemaakt:

                        - een klassement per groep

                        - een klassement per klasse

                        - een algemeen klassement

                        - een klassement per automerk

                        - een klassement voor teams

                        - de snelste tijd van de dag

                        - de snelste tijd door een dame gerealiseerd

                        - de snelste toerwagen van de dag

                        In het bijzonder reglement van de wedstrijd dient duidelijk te worden vermeld

                        welke klassementen er gemaakt zullen worden.

 

art. 44 Een deelnemer dient om te worden geklasseerd, tenminste twee maal te starten.

            De snelste van de door hem gerealiseerde tijden, inclusief strafseconden, telt voor

            het klassement. Indien twee of meer deelnemers eenzelfde tijd hebben, zal hun op één

            na snelste tijd maatgevend zijn. Is er dan nog geen verschil, hun op twee na snelste tijd enzovoorts.          

 

PROTESTEN.

art. 45 Uitsluitend deelnemers hebben het recht te protesteren, en alleen dan wanneer het protest een

            voertuig betreft van een deelnemer in de klasse van de protesterende deelnemer.

 

art. 46 Protesten tegen de tijdmeting en/of tijdnotering en tegen de door officials geconstateerde overtredingen

            zijn niet ontvankelijk.

 

art. 47 De door de organisatie tijdens de wedstrijd bekend te maken tijden en/of klassementen zijn niet

            bindend voor de einduitslag.

 

art. 48 Protesten kunnen uitsluitend schriftelijk worden ingediend bij de wedstrijdleiding tijdens de wedstrijd

            en ten laatste binnen 5 minuten na de laatste verreden start.

            De wedstrijdleiding is verplicht binnen 10 minuten na ontvangst van het (volledige) protest een bindende

            uitspraak (dit mag mondeling) te doen over de geldigheid van het protest, of partijen in kennis te stellen

            dat de uitspraak binnen een week schriftelijk gedaan zal worden aan beide partijen indien de wedstrijdleiding

            zich over een protest langer wil beraden.

 

ALGEMEEN.

art. 49 De organisatoren hebben het recht op alle deelnemende auto’s reclame aan te brengen

 

art. 50 Het is een deelnemer toegestaan reclame op zijn auto aan te brengen.

 

art. 51 Voor iedere wedstrijd zoals in dit reglement bedoeld, worden door de organisatoren de volgende officials

            aangewezen:

-           een wedstrijdleider

-           twee tijdwaarnemers bij elektronische tijdwaarneming

-           drie tijdwaarnemers bij niet-elektronische tijdwaarneming

-           een startcommissaris

-           baancommissarissen

 

art. 52 In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist TEAM WIMEDO.